Week 20

Dit is alweer de derde en laatste les week van onderwijseenheid 15

Maandag was de les van Communicatie en Marketing. In de les hebben we aan elkaar presentaties gegeven over de communicatie-uiting van een erfgoedinstelling die we vorige week hadden gekozen en geanalyseerd. Met de presentaties geven en het analyseren van de presentaties van anderen hebben we de theorie van de afgelopen twee weken doorgenomen, en we hebben meteen een aantal praktijk voorbeelden die wel en niet werken.

Na de les ben ik in de bibliotheek van de academie gaan zitten om te werken. Toen werd ik door één van mijn vrienden, Igor, gevraagd of ik een loempia wilde. Daar heb ik natuurlijk ja op gezegd en toen hebben we nog een tijdje geklets en verse loempia’s gegeten. Later ben ik weer braaf aan het werk gegaan met mijn huiswerk.

Dinsdag heb ik thuis en in de bibliotheek gewerkt aan mijn huiswerk.

Woensdag was de les van Participatie, waar we het eerste deel van de les hebben besteed aan het bespreken aan de webinar van vorige week vrijdag. Hier was namelijk wel wat ophef over en had een deel van de studenten wat vragen over de ethiek en uitvoering van dat specifieke project. De rest van de les ging over hoe je participatie kan toepassen. Hier hebben we het gehad over verschillende werkvormen die je kan gebruiken en hebben we wat voorbeelden (zowel succesvol, als niet succesvol) besproken.


Donderdag was alweer het laatste college van de voorbereidende theorie voor Participatie. We hebben het gehad over hoe je participatie projecten kan aanpakken. We hebben verschillende stappenplannen doorgenomen van hoe je een participatie project kan uitvoeren en hebben een paar casussen kort besproken. De rest van het college ging over de toetsing van volgende week.

In de middag ben ik naar een rondleiding geweest bij IHLIA LGBTI Heritage (verder afgekort tot IHLIA), de opdrachtgever van de casus voor onderwijseenheid Participatie dat in februari van start gaat. In kleine groepjes hebben we deze rondleiding over de komende weken, en ik was bij de eerste. IHLIA is een erfgoedorganisatie met een archiefcollectie van lhbti+/ queer erfgoed van zowel Nederland als internationaal. IHLIA zit gevestigd in de OBA (openbare bibliotheek Amsterdam) aan het Oosterdok. Ze hebben een openbare balie en archief waar je op aanvraag in rondgeleidt kan worden.

Persoonlijk vond de rondleiding heel langzaam, met z’n negenen (inclusief de rondleider en onze docent Mirjam) zijn we eerst naar de verrijdbare archiefkasten met de boeken van de IHLIA collectie gegaan. Hier staan fictie boeken, non fictie boeken, maar ook stripboeken en erotische boeken. In een ander magazijn staan archiefdozen met onder andere verschillende tijdschiften, van zowel binnen als buitenland, afstudeer scriptie, videobanden en dvd’s. De collectie is heel breed qua onderwerpen, maar wat mij opviel is dat een groot deel van de inhoud (deels) pornografisch is. Het archief is niet medisch/ steriel of beperkt qua onderwerpen waar ik ergens wel bang voor was. De collectie laat zien wat lhbti+ mensen door de geschiedenis deden in hun leven, en daar staat seks vaak centraal in. Dit heeft ook te maken met hoe de voorlopers van IHLIA zijn onstaan, vaak als kleine archieven van lokale homo- of lesbische kringen die zijn beginnen met verzamelen. Het archief doet niet aan zelfcensuur, maar heeft wel een kader waarin de content van de archiefstukken binnen moet vallen. Een deel van het archief die we niet hebben gezien is het deel waar de echt oude archiefstukken liggen, zoals boeken uit de 16de eeuw.

Met de rondleider en onze docent hebben we een gesprek gehad over het belang van, in dit geval queererfgoed, het verzamelen en borgen van erfgoed van een specifieke gemeenschap. Archiefstukken en hoe er mee omgegaan wordt in een erfgoedinstelling kan ook veel zeggen over taal en taalgebruik, over hoe ideologiën en denkwijzes veranderen door de tijd. Waarschijnlijk hebben erfgoedinstelling die niet specifiek gespecialiseerd zijn op queererfgoed wel iets daarvan in hun collectie, maar vaak zijn ze daar niet van bewust of is het zo gedocumenteerd, bijvoorbeeld omdat de vocubulair er niet voor was of omdat het in een vorm van code taal/ symboliek in omschreven. Om voor onder andere erfgoedinstellingen taalgebruik te verduidelijken is er een speciale thesaurus ontwikkelt; de homosaurus.

*Ik gebruik de termen ‘lhbti+’ en ‘queer’ hier door elkaar als synoniemen. Met beide bedoel ik de gehele lhbtiqia+ gemeenschap en alle seksualiteiten en genderidentiteiten die in het spectrum vallen, maar buiten de norm van heterosekueel en cisgender. De term queer gebruik ik, omdat ik zelf als lhbti+ persoon fijn bij deze term voel en het niet meer al een beledigend woord zie.


Vrijdagochtend was de laatste webinar die we als studenten volgen van het Lerend Netwerk Co-waarderen. Vandaag was het onderwerp burgerberaad en de spreker namens Bureau Burgerberaad. Misschien heb je er van gehoord in relatie met politiek. “Een burgerberaad of burgerforum is een gelote groep inwoners die de politiek adviseert of helpt te beslissen over een specifiek onderwerp. -Rijksoverheid“. In het erfgoedveld wordt er gekeken hoe sommige processen democratische uitgevoerd kunnen worden, bijvoorbeeld bij het verzamelen of ontzamelen van een collectie van een regionaal/ stadsmuseum. De collectie van een stad moet dan wel de bewoners van die stad representeren. Een manier omdat te doen is met een burgerberaad. Persoonlijk zie ik een burgerberaad als een werkvorm als er iets groots moet gebeuren, zoals het aanpassen van een collectie of het veranderen van beleid. Je zou het ook op iets kleiners toe kunnen passen, het menu/ assortiment van het museumcafé, maar daar lijkt een burgerberaad mij te intensief voor. Ik vond het wel weer inspirerend en ik denk dat het element van een gewogen loting voor deelnemers iets is wat je bij kleinere vormen van participatie kan toepassen, vooral als je merkt dat bepaalde gemeenschappen overgerepresenteerd worden

In de middag heb ik het eerste raamgedicht van het project Poëzie op Pad geschreven!

En op zondag heb ik de andere twee ramen gedaan

Over het project van Poëzie op Pad komt binnenkort een eigen blog.

En dat was het alweer voor deze week. Tot volgende week!

3 gedachten over “Week 20

  1. Elma Haas zegt:

    Wow wat een diversiteit letterlijk en figuurlijk. Koken, bezoeken, creëeren, studeren en wat ik nog allemaal vergeet.
    Bij het lezen van jouw afgelopen weken vroeg ik mij wel af: hoe zou het zijn als je dit allemaal in bv Amerika zou onderzoeken of publiceren? Of bv in zuid Amerika . Met de huidige stand van zaken is het best risicovol om zo open en bloot alles te beschrijven.
    Ik ben er overigens wel blij mee dat je het doet hoor en je hoeft geen blad voor je pen te nemen, maar soms is het heel kwetsbaar.
    Het zou interessant zijn om eens te onderzoeken welke tentoonstellingen er zijn die na opening weer heel snel gesloten zijn omdat er veelmensen moeite mee hebben of hadden. In bepaalde gemeenschappen worden niet alle zaken gewaardeerd. Kez geweldig om te lezen allemaal ik blijf een fan!

    1. Kez vd werf zegt:

      Ik ben ook wel benieuwd hoe deze opleiding erin andere landen eruit zou zien. Sommige landen zijn best progressief en andere juist niet. In Zuid-Amerika is de museumwereld bijvoorbeeld op een meer gemeenschap gebaseerd klimaat onstaan, wat hun praktijken ook beïnvloed. Ik weet niet meer het precieze voorbeeld, maar we hebben het gehad hoe een bepaald museum in Mexico (?) vanuit de gemeenschap en hun lokale erfgoed tot stand is gekomen. Praktijken zoals participatief werken en het betrekken van de lokale gemeenschap zijn daar heel normaal. Dat is heel anders dan bijvoorbeeld Frankrijk waar de museumwereld tot stand is gekomen vanuit de ‘rijken’/ ‘eleten’/ adel, en waar ze minder open staan voor verandering. Ook in Nederland zijn er verschillende meningen en stromingen over hoe de erfgoedwereld eruit moet/kan zien in de toekomst.

      En over het internationale politieke klimaat. Het documenteren, bewaren & doorgeven van wat er nu aan allemaal gebeurd, maar ook wat al in het verleden is gebeurd, is heel belangrijk. Vooral nu dat censuur en onderdrukking van de media veel plaats vind. Als toekomstig erfgoedwerker vind ik het belangrijk dat deze taken uitgevoerd blijven worden, ook al vraagt dat veel van de indivuduen die dat doen en daar mogelijk hun eigen leven mee op het spel zetten.
      Het zorgt ervoor dat veel mensen zich heel kwetsbaar opstellen, ook mensen die in Nederland opspreken over wat er internationaal gebeurd. Nu ben ik zelf meer bezig het onderwerp om erfgoed en educatie toegankelijk te maken voor iedereen. Dat is iets wat nu al heel gebruikelijk lijkt, maar dat is het zeker niet over en niet altijd geweest.
      Het doel van deze blog is als een naslagwerk en dagboek van wat ik op mijn opleiding leer zodat ik daar later op terug kan kijken. En natuurlijk om familie en vrienden te vertellen over wat heb geleerd. Maar ik stel mezelf hier ook kwetsbaar mee op, zeker door het te delen op het internet.
      Om terug te komen over hoe het erfgoedveld er internationaal uitziet, de afgelopen drie weken (en in de afgelopen anderhalfjaar) hebben we het ook veel gehad over hoe ze in Vlaanderen te werk gaan. Alleen daar zit al verschil tussen. En ook tussen de praktijken van Antwerpen en de rest van België. Tijdens de studiereis naar Antwerpen kregen we al heel wat praktijkvoorbeelden over hoe ze met gemeenschappen te werk zijn gegaan, iets wat ik op dat moment (voorjaar 2025) nog niet van had gehoord. Iets wat de docenten van het vak Participatie duidelijk hebben gemaakt is dat het vaak ligt aan indiviuelen binnen een organisatie/ instelling die de verandering van ‘praten over’ naar ‘samenwerken met’ ingang zetten. En dat er vanuit de andere medewerkers en de directie wel draagvlak moet zijn omdat succesvol te laten gebeuren.

      Over tentoonstellingen die na de opening snel dicht gaan, er zijn een aantal instelling die soms hun tentoonstelling aanpassen. Bij IHLIA is nu de tentoonstelling (Un)documented, die is heropend. De tentoonstelling is geopend, en daarna konden mensen het aanvullen met hun eigen verhalen, archiefstukken, etc. Daarna is de tentoonstelling in een dag of twee aangevuld en heropend. Als ik het goed heb onthouden gaan ze dat nog een tweede keer doen.
      Maar om zo iets te doen moet je je als instelling open druven stellen voor mensen die geen ‘professional’ zijn en met hele andere dingen komen dat dat jij misschien vind/ denkt/ zou kiezen.
      Openheid, kwetsbaarheid en transparantie als erfgoed instelling laten zien is belangrijk, maar ook lastig. Vooral als mensen verwachten dat je altijd correct bent en uitputtend met je informatie. Vaak wordt je als een museum, bibliotheek, archief als autoriteit aangekeken.
      Ik vind de huidige periode erg interessant met alle vraagstukken en dilemma’s.

Reacties zijn gesloten.